Terug naar gedichten
Een piraat zonder kompas (1)
Op een dag belandde ik in een kist vol met vuur.
Dit alles werd een groot avontuur.
Elke dag kwam ik wel ergens achter.
Jouw leugens maakten mijn werkelijkheid zachter.
Het gene wat ik kreeg, was hoop.
De hel was in werkelijkheid waar ik naartoe kroop.
Toch bleef het vuur in mij branden.
Ondanks al mijn vijanden.
Ik ging voor een weg met eenzaamheid.
Dit was heel goed voor mijn zwijgzaamheid.
Ik kon al mijn geheimen verstoppen.
Maar mijn fantasie kon niet kloppen.
Het voelde alsof ik een lichaam had zonder benen,
een betegelde straat zonder prachtige stenen
of een piraat zonder een kompas.
Ik wist dat ik niet compleet was.
De waarheid was mijn werkelijkheid niet.
Was dit dan het einde van mijn strijdlied?
Nee, want jou werkelijkheid was de waarheid ook niet.
Ik dacht dat jij het wist.
Maar ik belandde in een kist.
Ik kon nergens meer naartoe.
Dit alles werd mijn taboe.