Terug naar gedichten

Het krullenschaap

Eens, lang gelee, op 'n boerderij
niet ver van ver van hier vandaan,
beviel een schaap plots van een lam
na een kieteling van Vader Maan.

Het schaap was zo verbaasd dat zij
deed wat een schaap nooit had gedaan:
ze liet het lammetje eenzaam achter
om ver van ver van hier te gaan.

’t Klinkt misschien wat harteloos,
maar ja, wat moest ze anders dan?
Een schaap schaamt zich nu eenmaal als
een lam zo kaal is als een pan.

Het arme schaap... pardon, het lam,
liep zachtjes blatend in het rond,
tot het verkleumd gevonden werd
door 'n vriendelijke herdershond.

De hond, ook niet de slimste thuis,
dacht dat het lam een puppy was.
Een kale pup, dat wel, maar goed,
daarvoor heb je een hondenjas.

Het baasje van de hond schrok eerst
wel wat bij 't zien van 't kale lam,
want zeg nu zelf: een wolloos schaap
is toch als tanden zonder kam?

Maar 't vreemde weesje, hoewel wat lelijk,
bleek heel lief en warm en zacht,
dus mocht het wonen bij de baas
als huisschaap, wie had dat gedacht?

Na ’n jaar werd Schaapje echter ziek,
't koortsig lijfje trilde zwaar,
dus togen baas en herdershond
naar de beste dierenarts aldaar.

De dierenarts, toch geen zwak man,
zag ’t zielig dier en viel prompt flauw,
want niet alleen was Schaapje ziek,
maar het had bulten, rood en blauw

De man kwam bij en constateerde
dat Schaapje ziek was door het feit
dat onder elke vreemde bult
een haar verstopt zat al die tijd.

Maar omdat Schaapje altijd trouw
een witte hondenjas omdeed,
waren alle poriën verstopt:
dat was de oorzaak van het leed!

Met twee man en een hond erbij
deden ze Schaapje toen in bad.
Het kwam eruit en rook heel lekker,
was roze, schoon en heel erg glad.

't Advies was tweemaal daags een badje,
afdrogen met een zachte doek
dat vier weekjes volhouden en dan
weer bij de dierenarts op bezoek.

De herdershond deed Schaapje ’s ochtends
en het baasje 's middags het in bad.
Tot op een ochtend, na drie weken,
een vreemd dier in de kamer zat.

‘t Lelijke eendje, nee, ‘t kale lam,
bleek plots een zilv’ren krullenschaap!
Het eet nu uit een gouden bakje
en valt in een paleis in slaap.

Ook baas en ’t slimme herdershondje
dat door de lelijkheid iets zag,
zijn beloond voor hun geduld,
hun liefde en hun goed gedrag.

En moeder schaap? Die weet van niks,
want zij woont ver van ver vandaan
in ’t land van gouden zonnestralen,
zonder die lastpost, Vader Maan.

Ptarn

26-01-2006

ptarn

Geregistreerd op:
15 januari 2006

Uit: Spijkenisse

Beoordeling

Leden (3):

6.7

Gedichtenlog werkt aan een update, inloggen is daarom niet mogelijk.