Terug naar gedichten
Met de schemering van de maan...
Elke avond, met de schemering van de maan.
Komen mijn zorgen, ze vallen me aan.
Hopeloos zit ik daar dan, van binnen koud, van buiten warm.
Ik laat mijn tranen vallen, ik laat alles gaan.
Alles op deze dag moet ik voorbij laten gaan.
Maar ik kijk op tegen morgen, en eerst die vreselijke nacht,
Met zijn enge dromen, die hebben me in hun macht.
De zorgen van morgen, elke keer steeds weer.
De zorgen van morgen, ze doen zo’n zeer.
Dus elke avond bij de schemering van de maan,
Probeer ik niets meer te laten gaan,
Want ik weet nu, het heeft geen zin,
Wat elke keer krop ik mijn zorgen op,
Diep, diep binnenin.
Niet naar bed, en vooral niet dromen,
Want het zijn ze zorgen die dan weer komen.
Help me,
Snap me,
Laat me niet alleen.
Want ik kan niet, zonder mensen om me heen