Terug naar gedichten
De vlinder
Gehuld in een cocon van vermomming,
veilig en anoniem,
beweegt zij zich door het heden.
Wat binnenin zit,
soms misbegrepen,
raakt niet door de dikke buitenwand heen.
Als de stilte tenmidden van een orkaan,
als het oog van een chaotische storm,
draagt zij bij tot het leven.
In zichzelf gekeerd,
verlangend naar de toekomst,
hoopt zij eens die cocon te doorbreken.