Terug naar gedichten

Rivier

Waar ik ontspring
een zilveren twinkel
van pas gesmolten lentesneeuw
waar ik begin
een minuut een jaar duurt
een jaar wellicht een halve eeuw
waar ik puur
en onbevangen
aarzelend mijn weg insla
behoedzaam kruip
langs rotsgevaar
nog niet wetend waar ik ga.

Waar ik mij
bulderend laat vallen
als 'n afgrond mijn weg verstoort
mijzelf luidkeels
overschreeuwend
zonder dat ik word gehoord
ongeduldig
woester voortstroom
de bergen uit, de wereld in
met elk steentje
dat ik meeneem
een nieuw knelpunt overwin.

Waar ik onstuitbaar
vol van leven
slijtagesporen achterlaat
met vaste drang
tot overleven
mij voeg naar waar mijn bedding gaat.
Ik rijp! Ik groei!
doe dalen blozen
en kronkel onweerstaanbaar
zo trek ik
soortgenoten aan
waarmee ik heftig kolkend paar.

Waar ik steeds breder
dieper rimpel
gemakkelijk te bevaren
lasten laat liggen
mijzelf bevuil
zo kom ik tot bedaren
waar ik vertraag
uiteindelijk
heb ik in mijn loop berust
ik reik mijn armen
naar de zee
zoals de zee reikt naar de kust.

Bernadette

09-12-2000

Bernadette


Spiritual

Geregistreerd op:
20 februari 2002

Beoordeling

Leden (5):

7.6

Gedichtenlog werkt aan een update, inloggen is daarom niet mogelijk.